Schrijfchallenge dag 9

‘ Wíj hoeven ons niet meer voor te stellen hè?’ zei hij met een glimlach op zijn gezicht. Oei, dát had hij nou net niet moeten zeggen. Het schaamrood kleurde acuut mijn wangen door deze deja vu.

Een uur eerder…

Er zijn van die dagen dat lichaam en geest het niet eens zijn. Ken je dat? Je komt op een splitsing, je hoofd gaat een straatje om en je lijf gaat volgzaam met jou mee. Als mijn agenda overuren draait, slaat deze chaos bij mij wel eens toe.

Op zo’n moment arriveerde ik op een zonovergoten dag bij het huis voor een feestje. Voor mij geen vreemd adres hoor, integendeel. In dit huis was ik al talloze keren op bezoek geweest.

Ik liep goedgemutst de oprit op en belde aan. Tijdens het wachten keek ik wat om me heen. ‘Goh, het ziet er hier heel anders uit. Het lijkt wel of de melkbus bij de deur is weggehaald.’

Mijn systeem reageerde niet.

‘Het is wel wat kaal zo. Volgens mij is er ook een ander huisnummerbordje gehangen.’

Bizar, maar er ging géén belletje rinkelen.

De deur ging open, ik keek een wildvreemde in de ogen en zei: ‘Hallooo, ik kom voor het feestje’ en stapte, zonder ook maar op enige goedkeuring te wachten, nog net niet over de tenen van de man, de ruime hal in.

Mijn geweten protesteerde nóg steeds niet. Tja, zeg nou zelf. Op hoeveel plaatsen bel je niet aan voor een feestje en doet degene die het dichtst bij de deur staat open. Da’s niet gek, tóch?

Ergens ver weg begon er nu wél wat te borrelen. Het beeld van de ruimte op mijn netvlies liep niet synchroon met mijn blijkbaar niet zo fotografisch geheugen.

Ik keek nog eens goed rond en besefte dat er wel heel rigoreus de bezem door gehaald was. De sfeer was ook helemaal anders.

Oké, de situatie vroeg om een reset.

Waarom is er zoveel veranderd, zonder dat ik daar enige weet van heb? We zijn vriendinnen, een verbouwing zou ze me toch wel verteld hebben?

Ik keek nog eens naar de butler in kwestie. Het vraagteken op zijn voorhoofd tekende zich inmiddels bijna driedimensionaal af.

Nou, op dát moment kon ik niet meer spreken van een rinkelend belletje. Een gong sloeg hard de genante realiteit mijn hoofd binnen.

‘Uhmm, ik, uuhh… dénk dat mijn navigatie offline geraakt is onderweg… Dit is níet het huis van… ’

‘ Nee, als je voor het feestje van de buren komt, moet je een blok verder zijn’, was zijn verhelderende antwoord.

Ik kreeg het ineens heel warm, zette mijn versnellingsbak in zijn achteruit en verdween zo abrupt als ik gekomen was. Ondertussen liet ik luid mijn excuses horen. Twee deuren verder deed ik een nieuwe, dit keer succesvolle, poging.

 

Is dit het meest genante dat ik ooit heb meegemaakt? Dat hou ik voor jullie verborgen. Meer vertellen zou zo maar écht genant kunnen worden.

Schrijfchallenge dag 3

‘Mijn beste vriendin’

Zo’n jaar of twee geleden leerde ik jou kennen. Ik stapte schuchter in onze vriendschap. Twijfelde of er een klik tussen ons zou ontstaan. We waren immers enorme tegenpolen.

Van buiten lijk je hard en gesloten. Wat gladjes op een bepaalde manier. Maar naar mij stel je je moeiteloos open. We lachen samen, ik leer van je en soms weet je me tot in mijn diepste te ontroeren. Onze liefde voor muziek zorgt voor avonden genieten van klanken in allerlei stijlen.

Zonder enig spoor van verveling bied je mij altijd weer een luisterend oor. Dat maakt jou zo bijzonder. Ik vertrouw je al mijn verhalen en ideeën toe en schrijf je brieven. En als mijn herinneringen vervagen, durf ik op jou te bouwen. Jouw geheugen is ongekend.

Toch zijn er momenten dat je het bloed onder mijn nagels uithaalt . Dan duw ik je van me af en dreig je kapot te maken. Ik begrijp niets van het eigengereide leven dat je leidt en raak mijn grip op je kwijt. Maar op de grens van mijn razernij slaat de angst toe. De angst om te verliezen wat ik samen met je heb. In mijn spijt, koester ik weer jouw aanwezigheid, kom tot bezinning en ga op zoek naar hulp om onze relatie te herstellen.

 

De haat-liefde verhouding tussen een digibeet en haar Macbook 🙂

Schrijfchallenge dag 2

img_1840

‘Wat zie jij er roodaangelopen uit?’

‘Schei uit. Ik kóók van woede!’

‘Ha, dat zou je willen. Ik weet wel dat je snel aangebrand bent, maar koken zit er voor jou niet. Maar wat is er dan?’

‘De steelpan heeft mijn hart gestolen. Maar als ik avances maak, krijg ik steeds de deksel op mijn neus.’

‘Zo, ben jij in vuur en vlam gezet door dat nuffig ding met haar glanzende wangen? Deksels, dat had ik nooit verwacht.’

‘Ik vind haar leuk. Het borrelt al lang bij mij, maar ik heb het idee dat de liefde van haar kant op een laag pitje staat.’

‘Dan zul je eraan moeten werken joh. Je moet haar een beetje aan de kook brengen.’

‘Hmm, ik krijg steeds meer het gevoel dat het niet zo botert tussen ons.’

‘Zeg, luister eens, dit is té gemakkelijk hè. Op elk potje past een dekseltje. Op elk pannetje ook. Je doet je best maar wat meer.’

‘Ik ga er mijn vingers niet meer aan branden, ik ben er klaar mee.’

‘Wat een zouteloze praat. Je kunt toch een boterzachte aanpak proberen, of er een zoetsappig sausje overheen gieten. Misschien hapt ze dan.’

– Ach nee, ik bak er niks van. Het heeft geen zin. Ik zet mijn zinnen wel op het keramisch fornuis. Dan kan ik hooguit op mijn plaat gaan.’

Schrijfchallenge dag 1

Oké, oké, ik ben niet hélemaal eerlijk geweest bij deze opdracht. Pagina 75 sprak meer tot mijn verbeelding.

Uit: ‘Als je het licht niet kunt zien’ van Anthony Doerr

“Ze heeft nachtmerries”

Hard striemt de regen op haar gezicht. Donker, aardedonker. De omgeving huilt met haar mee. Een gure wind trekt zijn spoor van kou tot diep in haar botten. Haar pas versnelt. Geritsel. Een lichtflits. ‘Sneller, sneller’, jaagt het in haar hoofd. Ze rent verder. Lees verder Schrijfchallenge dag 1

31 Dagen SchrijfChallenge

Elk jaar maak ik goede voornemens. Maar je hoort mij niet beweren dat ze altijd het levenslicht zien. Degenen waarmee ik wél ga wandelen, wil ik halverwege nog wel eens kwijtraken. Ik schroom er niet voor om stiekem een ander paadje in te slaan zonder broodkruimels achter te laten.  Maar als ze zelf weglopen, omdat ze onvoldoende aandacht van mij krijgen, dan vind ik dat erg jammer.

Zo ben ik vorig jaar een vriendje uit het oog verloren. Lees verder 31 Dagen SchrijfChallenge

Vakantietenen

Ze zijn er weer. Vakantietenen. De symbolen van zon, zee, vrijheid en volledige ontspanning. Tegen het decor van een koelblauwe zee, schreeuwen zij dat het hier fantáaastisch is.

Ik ga een stapje terug.

In de vroege ochtend check ik mijn uitrusting. Remover, rode lak, polish, nagelschaar, vijl, wc papier en een optimisme geheel in overeenstemming met mijn vakantiegevoel.

En daar zit tevens de valkuil. De beperkte frequentie van deze uitgebreide operatie, zorgt steevast voor enorme frustratie en minstens een halve dag rugklachten. Maar, zoals mijn moeder in al haar wijsheid altijd zei: ’Wie mooi wil zijn moet pijn lijden.’ Lees verder Vakantietenen

Terschelling ‘the best of’